05-11-12

Groen zegt terecht neen aan BDW

Doorbraak webstek - 5 november 2012

Groen gaat in de Antwerpse coalitiebesprekingen niet mee met de voorstellen van Bart De Wever over mobiliteit. Volgens de chef-politiek van Doorbraak Peter De Roover heeft Groen vanuit democratisch oogpunt gelijk met die houding.


In het commentaarstuk voor De Standaard van vandaag (5 november 2012) hekelt Bart Brinckman de ‘tunnelvisie van Groen’. De houding van Groen bij de Antwerpse coalitiebesprekingen geeft wel meer aanleiding tot woordspelingen. Op twitter loopt het spelletje #nietopdeboekenbeurs, waarbij titels worden gesuggereerd van boeken die onterecht niet werden uitgebracht. Vanochtend kwam ‘In de BAM van de Ring’ door M. Almaci op de lijst.

Brinckman is streng. ‘Voor Groen rijst de vraag waar de partij met deze halsstarrige houding naartoe wil. Tijdens de campagne leek het alsof de Antwerpse afdeling zich herleidde tot een one-issuepartij, telegeleid door enkele actiegroepen. Dat beeld vloekte met de compromisbereidheid die voorzitter Wouter Van Besien tijdens de communautaire onderhandelingen etaleerde. Voortaan moest een stem voor Groen “nuttig” zijn. Daarom moest zijn partij bereid zijn om op alle beleidsniveaus tegen redelijke voorwaarden haar verantwoordelijkheid op te nemen.’

Op dat beeld van een halsstarrige groene partij in Antwerpen en een compromisbereide in Brussel, valt toch wel wat af te dingen. Los van het feit dat partijvoorzitter Wouter Van Besien ook in Antwerpen wel een beslissend deuntje meefluit in het groene koortje, maakt Brinckman de fout er van uit te gaan dat het mobiliteitsdossier en de communautaire problematiek in de groene waardeschaal even zwaar doorwegen.

Als Groen zich in de onderhandelingen met Di Rupo zogenaamd compromisbereid opstelde bij de discussies over de staatshervorming, betekent dat allerminst dat Groen in elk dossier een partij met fletse standpunten zou zijn die over alles wil praten. Voor Groen is de communautaire problematiek van secundair belang, wat een grote compromisbreedte oplevert. Zolang de ‘oplossingen’ binnen het klassieke Belgische werkkader vallen, is het wel oké. Aan die voorwaarde voldoen de akkoorden van Di Rupo  helemaal. Het akkoord van Groen met de staatshervormingsplannen van de regering-Di Rupo was dan ook absoluut geen teken van compromisbereidheid aangezien die partij zich uiteraard kan vinden in een brave oplossing die niet te ver afwijkt van het status quo. Groen werd inhoudelijk gewoon mooi bediend door de communautaire voorstellen van Di Rupo.

Het mobiliteitsdossier raakt de raison d’être van Groen wel in de kern. De partij maakte er tijdens de campagne, zoals Brinckman schrijft, zelfs haar voornaamste strijdpunt van. Volledig terecht stelt de partij zich in dit dossier ook bij de onderhandelingen ‘halsstarrig’ op. Als Groen nu plots akkoord zou gaan met hetgeen voor de verkiezingen te vuur en te zwaard werd bestreden, zou ze hetzelfde kiesbedrog begaan dat De Wever had gepleegd indien hij akkoord was gegaan met de voorstellen van Di Rupo.

Groen weze vanuit democratisch oogpunt geprezen voor de houding die ze aanneemt bij de Antwerpse coalitiebesprekingen. De politiek kan maar opnieuw geloofwaardig worden als verkiezingsbeloften over essentiële zaken niet meteen worden opgedoekt na de stembusslag.

De commentaren zijn gesloten.