27-08-12

De helaasheid der godverdomse dagen

De Standaard - 2 juni 2010

<ondertitel> 'makker Verhulst, voer het debat zoals het hoort'

<inleiding door De Standaard> PETER DE ROOVER heeft met plezier de lofzang van Dimitri Verhulst op kandidaat-premier Elio Di Rupo gelezen. 'Nooit kan ik meer mensen voor de Vlaamse zaak warm maken dan Verhulst onbedoeld deed met zijn schotschrift.'

Wie? De auteur is Politiek secretaris Vlaamse Volksbeweging.

Wat? Andersgezinden bestrijd je niet door met modder te gooien.

Waarom? Wie met verbale brutaliteiten afkomt in plaats van argumenten, overtuigt niet.>


Dimitri Verhulst vindt dat België een meerwaarde biedt; ik niet. Dimitri Verhulst gelooft niet dat (meer) Vlaamse zelfstandigheid enig soelaas zou bieden; ik wel. Als het over de institutionele toekomst gaat van het kleine stukje aardkloot dat we gemeenzaam Vlaanderen noemen, gaapt tussen ons een kloof die geen Lange Wapper kan overbruggen.

Die confrontatie kan boeiende debatstof bieden. Du choc des idées jaillit la lumière. In deze troebele tijden kan er geen verhelderend licht genoeg schijnen. Als Verhulst dan op de voorpagina aangekondigd wordt als leeslamp van dienst, kunnen we de krant niet snel genoeg openen op bladzijde 24.

De directe aanleiding tot zijn ontboezeming vormt de vraag naar di Rupo's premierfähigkeit. Van Verhulst mag het, waarmee hij verrassend genoeg aansluiting vindt bij het pleidooi dat Vlaamse Bewegers terzake al geruime tijd afsteken. Bien étonnés de se trouver ensemble?

Maar dat ogenschijnlijke pleidooi voor de PS-voorzitter als Belgisch opperbestierder, blijkt slechts een aanleiding om af te rekenen met het Vlaamse zelfstandigheidsstreven. Verhulst ontwaart in het debat daarover niet zozeer mede- en tegenstanders, dan wel beschaafde lieden (aan zijn kant) en beotiërs (aan de overzijde). Wie zijn visie niet deelt, maakt zich schuldig aan 'pathetische jankerigheid'; hij noemt andersdenkenden 'de luidste blaffers'; ziet Vlaamsgezinden hun 'moddervette pens in een geel maillot wringen'; lanceert het minder geslaagde neologisme 'verkarikatuurden' als typering van de andere en verwijt wie zich niet aan zijn zijde schaart een 'lofzang op de eigen navel' aan te heffen.

Aristoteles noemt pathos in zijn Ars Rhetorica een van de drie middelen van overtuiging, waarbij de emoties van het publiek bespeeld worden. Verhulsts tekst leert dat hij die techniek beter beheerst dan een aftandse flamingant. Bij mij thuis blaft alleen de hond, maar dat beest wil als beagle tricolor zijn en verjaart op 21 juli (dat is uiteraard toeval). In mijn kleerkast hangt één gele das en in de lade ligt een te weinig gedragen sportbroekje van dezelfde kleur mottenballengeur te vergaren. Geen maillot te bespeuren. Moeder natuur heeft ervoor gezorgd dat elke karikatuur van mijn smoel alleen maar een verbetering kan inhouden. Men moet zich een eindje van mijn navel verwijderen om iets van enig belang te ontwaren. Kortom, ik voel me allerminst aangesproken door Verhulsts schets.

Ik hou van mijn kerktoren (bij wijze van spreken, want in mijn geval betreft het een draak). Maar ik vind het beeld van de bij nacht verlichte Aya Sofia beklijvend en wanneer ik me dan 180 graden keer, laat ik me graag overweldigen door de prachtige minaretten van de Sultan Ahmetmoskee. Zo pathetisch wil ik nog zijn. Want élke identiteit boeit. Ik hecht zelfs zo weinig belang aan mijn navel dat ik de Engelsman Ian McEwan als auteur verkies boven de Vlaming Dimitri Verhulst, de onmiskenbare stilistische talenten van die tweede ten spijt.

En toch geloof ik in Vlaams zelfbestuur. Omdat België niet meer werkt, zoals we met z'n allen kunnen vaststellen. Omdat ik geloof dat samenwerken geen synoniem is van wederzijds blokkeren. Omdat een niveau van 10 miljoen inwoners geen schaalvoordelen biedt tegenover één van 6 miljoen. Omdat er te veel echte uitdagingen wachten om tijd te vermorsen aan communautair gebakkelei. Omdat de splitsing van bevoegdheden voor politieke ontspanning zorgt en ruimte voor inhoudelijk debat schept. Omdat politieke grenzen geen prikkeldraden meer spannen en Europa voor overkoepeling zorgt. Omdat verrijkende en uitdagende diversiteit ook in Vlaanderen een feit is, zoals ik dagelijks in mijn klas mag vaststellen. Omdat mijn opvoeding me leerde dat verzet tegen (taal)imperialisme een zaak van beschaving is. Omdat surrealisme een boeiende kunststroming is, maar een luizige basis voor staatsvorming. Omdat democratie beter werkt als gebieden met te grote verschillen in publieke opinies zichzelf kunnen besturen. Omdat ik geloof in respect voor andersheid. Omdat gezagsargumenten op mij geen indruk maken. Kortom, omdat Aristoteles logos en ethos naast de pathos plaatste.

Verzuurde oprispingen

Heb ik gelijk? Ja denk ik. Wie er een andere mening op nahoudt, dwaalt denk ik. Maar verdient respect. Hoe weinig het Belgicistische discours me ook aanspreekt, hoezeer ik het ook bestrijd, toch betreft het een eerbaar standpunt. Maar wel fout denk ik. Wie er anders over denkt, gelieve het te laten weten. Die Gedanken sind frei.

Het ware voor het debat heilzaam, mocht Verhulst zijn scheldtirade inruilen voor argumenten. Ik heb er begrip voor dat de beweging die waargenomen wordt bij de Vlaamse publieke opinie richting de autonomiegedachte Verhulst zenuwachtig maakt. Maar is dat een reden om het debat te laten afglijden tot onder de fatsoensgrens? Waarom andersdenkenden degraderen tot niet-denkenden? Waarom ruilt Verhulst het inhoudelijke debat in voor een partijtje moddergooien? Waarom degenen die een andere mening huldigen neerbuigend afzeiken? Waarom werkt een schrijver als Verhulst actief mee aan de verruwing van de intellectuele gedachtewisseling?

Nu wekt Verhulst de indruk dat zijn Belgische project alleen kan gestaafd worden met verbale brutaliteiten en verzuurde oprispingen. Vanuit pragmatisch oogpunt kan ik dat alleen toejuichen. Nooit kan ik meer mensen voor de Vlaamse zaak warm maken dan Verhulst onbedoeld deed met zijn schotschrift. Maar ik hou ook van een fris debat. Spits, ironiserend, pittig, stout zelfs én met inhoud; graag. Als liefhebber van de inhoudelijke polemiek buig ik dan ook bedroefd het hoofd na het lezen van Verhulsts paskwil. Ach, het behoort wellicht tot de helaasheid der dingen. Het weze zo, maar wellicht was ik niet de enige die maandag dacht: verdomme, dit is weer zo'n godverdomse dag op deze godverdomse bol.

Makker Verhulst, staak uw wild geraas en voer het debat zoals het hoort. Plus est en vous j'espère.

PETER DE ROOVER

De commentaren zijn gesloten.